Criollo
De Criollo is een hardwerkend, opmerkelijk robuust Zuid-Amerikaans gebruiksras dat gewaardeerd wordt om zijn uithoudingsvermogen, sterke voeten en onverstoorbare karakter.
- Size
- Gemiddeld
- Lifespan
- 25–30 years
- Origin
- Argentinië
- Temperament
- Hardwerkend
- Standard colors
- Zwart, Grijs en Muisvaal and 8 more
Characteristics
Criollo colors and patterns
What each club's breed standard says about every Criollo color and pattern. Point at a ruling to see the club's own wording.
Breed standards describe the Criollo in Zwart, Grijs, Muisvaal, Zwart roan, Bruin, Bruin (paard), Vaalbruin, Vos, Vos roan, Palomino en Valk. Standard patterns: Roan, Tobiano, Overo, Wildkleur, Schimmel en Bruin- of vosbont.
| Color or pattern | ACCC | ABCCC |
|---|---|---|
| Zwart | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Preta”) |
| Grijs | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Tordilha”) |
| Muisvaal | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Lobuna”) |
| Zwart roan | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Moura”) |
| Bruin | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“infinidade de pelagens, com exceção da pintada e albina total”) |
| Bruin (paard) | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“infinidade de pelagens, com exceção da pintada e albina total”) |
| Vaalbruin | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Gateada”) |
| Vos | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Colorada”) |
| Vos roan | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Rosilha”) |
| Palomino | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“infinidade de pelagens, com exceção da pintada e albina total”) |
| Valk | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“infinidade de pelagens, com exceção da pintada e albina total”) |
| Patterns | ||
| Roan | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“infinidade de pelagens, com exceção da pintada e albina total”) |
| Tobiano | Niet erkend (“Con excepción del “pintado” y el “tobiano””) | Standaard (“Tobiana”) |
| Overo | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Oveira”) |
| Wildkleur | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“infinidade de pelagens, com exceção da pintada e albina total”) |
| Schimmel | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Tordilha”) |
| Bruin- of vosbont | Standaard (“se aceptan todos los pelajes”) | Standaard (“Tobiana”) |
| Roetkleurig | No ruling | No ruling |
What the rulings mean
- Standaard
- Described by the club's breed standard.
- Niet erkend
- The club does not accept this color or pattern for the breed.
Color changes
How a Criollo's colors can change over its life.
Zwartchanges toGrijs
Vacht · Progressief
Bruin (paard)changes toGrijs
Vacht · Progressief
Bruinchanges toGrijs
Vacht · Progressief
Voschanges toGrijs
Vacht · Progressief
Palominochanges toGrijs
Vacht · Progressief
Valkchanges toGrijs
Vacht · Progressief
Vaalbruinchanges toGrijs
Vacht · Progressief
Muisvaalchanges toGrijs
Vacht · Progressief
Grijschanges toWit
Vacht · Progressief · by 416 weeks
Voschanges toRozegrijs
Vacht · Progressief
Bruin (paard)changes toRozegrijs
Vacht · Progressief
Grijschanges toGeappeld
Vacht · Progressief
Grijschanges toVliegenschimmel
Vacht · Progressief
Grijschanges toZwart
Vacht · Met de leeftijd
Wildkleurchanges toEffen
Vacht · Met de leeftijd
Zwartchanges toBruin
Vacht · In de zon · can change back
Sources
Each ruling comes from the club's published breed standard or color list.
Over de Criollo
De Criollo is een middelgroot gebruikspaard uit Argentinië, gefokt op uithoudingsvermogen, taaiheid en een rustig werktemperament.
De Criollo is een gebruikspaard dat is ontstaan op de graslanden van Argentinië en de aangrenzende delen van Zuid-Amerika. Het is een middelgroot paard, compact gebouwd en gespierd, ontwikkeld voor het werk op de uitgestrekte pampa's. Het ras staat bekend om zijn uithoudingsvermogen, zijn sterke hoeven en een stabiel karakter dat lange werkdagen goed doorstaat.
Criollo's stammen af van paarden die Spaanse kolonisten in de zestiende eeuw naar Zuid-Amerika brachten. Veel van die dieren verwilderden en overleefden generaties lang op karig terrein, wat een taai en onderhoudsarm paard opleverde. Bij de huidige fokkerij wordt nog altijd geselecteerd op die weerbaarheid, samen met een rustig en meewerkend karakter.
Tegenwoordig wordt de Criollo ingezet voor veewerk, buitenritten en endurance, en als algemeen rijpaard. Het is van oorsprong het paard van de Argentijnse gaucho en blijft in de eerste plaats een werkpaard, al is het ook te vinden op wedstrijden in de duursport.
| Kenmerk | Detail |
|---|---|
| Herkomst | Argentinië |
| Grootte | Middelgroot |
| Levensverwachting | 25 tot 30 jaar |
| Groep / functie | Gebruikspaard voor vee- en zadelwerk |
| Geschikt voor | Ervaren en zelfverzekerde ruiters, veewerk |
Voor wie is de Criollo geschikt
De Criollo is een goede keuze voor eigenaren die een gezond en onderhoudsarm paard zoeken voor veewerk, buitenritten of endurance. Het rustige en zelfstandige karakter maakt het paard prettig in de omgang, al werkt de arbeidslust het best uit bij ruiters die het paard regelmatig een taak geven. Het ras is goed aangepast aan wisselend terrein en voer en vraagt minder verzorging dan veel warmbloedrassen.
Geschiedenis en herkomst
De Criollo stamt af van Spaanse paarden die in de zestiende eeuw naar Zuid-Amerika kwamen, gevormd door natuurlijke selectie op de pampa's en later door gerichte fokkerij in Argentinië.
Het ras begint bij paarden die Spaanse kolonisten in de vroege zestiende eeuw invoerden. Dieren van Iberisch bloed kwamen aan in het gebied rond de Río de la Plata, en een deel daarvan liep weg of werd losgelaten op de open vlakten van het huidige Argentinië, Uruguay en Brazilië.
Gedurende zo'n driehonderd jaar leefden deze paarden halfwild op de pampa's. Strenge winters, droogte, roofdieren en schaars voer zorgden ervoor dat vooral de sterkste dieren overleefden, wat een kleine, taaie en ziekteresistente populatie opleverde. Deze lange periode van natuurlijke selectie legde de basis voor de weerbaarheid en het onderhoudsarme karakter van de Criollo.
Aan het einde van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw begonnen Argentijnse fokkers dit type paard te organiseren tot een erkend ras, met bijbehorende stamboekregistratie. De selectie richtte zich op een uniform gebruikspaard dat geschikt was voor het veewerk van de gaucho's, zonder het in de praktijk beproefde uithoudingsvermogen te verliezen.
Het uithoudingsvermogen van het ras werd bekend door lange afstandsritten waarmee werd aangetoond hoe ver een Criollo kon reizen op minimale hoeveelheden voer. Die reputatie op het gebied van duurvermogen over grote afstanden bepaalt tot op vandaag hoe het ras wordt omschreven en ingezet.
Uiterlijk en rasstandaard
De Criollo is een compact, gespierd paard van gemiddelde grootte, meestal 14 tot 15 hand, met een korte sterke rug, stevig beenwerk en harde hoeven.
De Criollo is een compact en goed bespierd paard, gebouwd voor werk en niet voor stokmaat. Het heeft een korte, sterke rug, een diepe borstkas, schuin geplaatste schouders en een brede borst. De benen zijn droog met stevig beenwerk, en de hoeven zijn hard en goed gevormd, een eigenschap die van oudsher wordt gewaardeerd voor de soundness op ruw terrein. Het hoofd is gemiddeld van lengte met een rechte tot licht bolle neuslijn.
| Kenmerk | Standaard |
|---|---|
| Stokmaat | Ongeveer 14 tot 15 hand (142 tot 152 cm) |
| Gewicht | Ongeveer 400 tot 500 kg |
| Vacht | Kort, dicht, weerbestendig |
| Kleuren | Dun en grullo komen veel voor; ook bruin, vos, roan en palomino |
| Ogen | Donker, breed geplaatst op een gemiddeld hoofd |
Vacht en kleuren
Dun komt bij dit ras veel voor, vaak met primitieve aftekeningen zoals een aalstreep en zebrastrepen op de benen. Grullo, bruin, vos, roan en palomino komen ook voor. De vacht is kort en dicht en biedt goede bescherming tegen kou, wind en zon, wat aansluit bij de herkomst van het ras op open, onbeschut terrein.
Karakter en gedrag
De Criollo is rustig, evenwichtig en zelfstandig, met een sterke werklust waardoor het paard onder druk kalm blijft en betrouwbaar is tijdens buitenritten.
De Criollo staat bekend om zijn koele hoofd. Het paard blijft kalm in situaties waarin gevoeliger gebouwde paarden onrustig worden, en dat is een van de redenen waarom het uitgroeide tot het werkpaard van de gaucho. Het ras is hardwerkend en gewillig zodra het een taak begrijpt, en het spaart energie liever dan dat het die verspilt.
In de omgang met verzorgers is de Criollo meewerkend en op de mens gericht wanneer het regelmatig wordt gewerkt, al zorgt de zelfstandige inslag ervoor dat het paard ook zelf nadenkt. Die zelfredzaamheid is een pluspunt tijdens lange ritten door open terrein en bij veewerk, waar een paard zelf de ondergrond moet inschatten en moet reageren zonder voortdurend sturing van de ruiter.
Criollo's settelen doorgaans goed bij andere paarden en wennen snel aan nieuwe omgevingen. Bij vreemden gedragen ze zich meestal rustig en oplettend in plaats van nerveus. Door hun stabiele karakter passen ze bij uiteenlopende ruiters, al komt de werklust het best tot zijn recht bij een vaste aanpak en een duidelijke taak.
| Eigenschap | Score |
|---|---|
| Aanhankelijkheid | 3 |
| Energie | 3 |
| Leerbaarheid | 4 |
| Stemgebruik | 2 |
| Vachtwisseling | 3 |
Verzorging en vachtonderhoud
De Criollo is een onderhoudsarm paard dat baat heeft bij regelmatige vachtverzorging, hoefbekapping, dagelijkse buitenuren en voldoende werk om fit en tevreden te blijven.
Vachtverzorging
- Borstel de korte, dichte vacht een paar keer per week om vuil en losse haren te verwijderen, tijdens de rui vaker.
- Krab de hoeven dagelijks uit, en zowel voor als na het rijden, en controleer op steentjes, scheuren of hoefkatrot.
- Plan elke 6 tot 8 weken een afspraak met de hoefsmid; de harde hoeven van dit ras functioneren vaak goed zonder ijzers.
- Reinig ogen, neusgaten en de staartaanzet waar nodig en controleer de huid op schaafwonden na werk op ruw terrein.
Beweging
- Zorg voor dagelijkse weidegang en regelmatig rij- of grondwerk; dit is een werkras dat baat heeft bij een taak.
- Bouw de conditie geleidelijk op voor endurance en lange buitenritten, waarin het uithoudingsvermogen van het ras tot zijn recht komt.
- Wissel het werk af om een zelfstandig ingesteld paard mentaal scherp te houden.
- Geef hersteldagen na zware inspanning, zeker bij oudere paarden.
Omgeving
De Criollo past zich aan uiteenlopende klimaten aan en verdraagt kou, hitte en wisselend voeraanbod beter dan veel andere rassen. In het Nederlandse zeeklimaat, met natte winters en wisselvallige zomers, is een droge, tochtvrije schuilstal minstens zo belangrijk als een goede weide. Stevig raster en gezelschap van andere paarden dragen bij aan het stabiele karakter van het ras.
Voeding
De Criollo is zuinig met voer en komt meestal uit op goed ruwvoer alleen; krachtvoer is vooral nodig bij zware arbeid.
De Criollo is ontstaan op karig terrein en gaat efficiënt met voer om, waardoor de meeste dieren op kwalitatief ruwvoer alleen al op gewicht blijven. Het rantsoen wordt het best opgebouwd rond gras of hooi, met krachtvoer alleen voor paarden die zwaar werken of een hogere behoefte hebben. Constante toegang tot schoon drinkwater en vrije keuze zout is belangrijk, en ruwvoer hoort het grootste deel van de dagelijkse voeropname te vormen voor een gezonde spijsvertering.
| Levensfase | Hoeveelheid per dag | Voermomenten |
|---|---|---|
| Volwassen paard in rust | Ruwvoer, ongeveer 1,5 tot 2% van het lichaamsgewicht | Onbeperkt ruwvoer, eventueel aangevuld met 2 voerbeurten |
| Werkend paard | Ruwvoer aangevuld met krachtvoer naar arbeidsniveau | 2 tot 3 |
| Oudere paarden (boven de 20 jaar) | Gemakkelijk kauwbaar ruwvoer, indien nodig seniorenvoer | 2 tot 3 |
Traktaties en supplementen
Geef traktaties zoals wortels of appels in kleine hoeveelheden. De meeste Criollo's hebben op goed ruwvoer weinig meer nodig dan zout en schoon water, al kan de lokale bodemgesteldheid vragen om specifieke mineralen. Laat een dierenarts of voedingsdeskundige adviseren over supplementen in plaats van die standaard toe te voegen.
Gezondheid en levensverwachting
De Criollo behoort tot de meest robuuste paardenrassen en wordt vaak 25 tot 30 jaar oud, met weinig rasgebonden problemen bij goede verzorging van hoeven, gewicht en gebit.
De Criollo geldt als een gezond en robuust ras, het resultaat van lange natuurlijke selectie op zwaar terrein. Bij goede verzorging wordt het paard vaak 25 tot 30 jaar oud. Het ras kent geen lange lijst erfelijke aandoeningen, en de meeste gezondheidskwesties zijn de algemene problemen die bij alle paarden voorkomen, geen rasgebonden gebreken. De harde hoeven en het efficiënte metabolisme zijn een gezondheidsvoordeel, al brengt diezelfde zuinige stofwisseling eigen risico's met zich mee als de voeding niet goed wordt afgestemd.
| Aandoening | Signalen | Toelichting |
|---|---|---|
| Overgewicht en hoefbevangenheid | Gewichtstoename, warme hoeven, kreupelheid, terughoudend bewegen | Risico neemt toe op rijk weiland bij paarden die snel aankomen |
| Koliek | Onrust, hoeven in de grond zetten, naar de flank kijken, niet meer eten | Altijd een spoedgeval; bel direct de dierenarts |
| Gebitsproblemen | Voer laten vallen, gewichtsverlies, scheef houden van het hoofd tijdens het eten | Komt vaker voor bij oudere paarden; regelmatige controle nodig |
| Parasieten | Doffe vacht, gewichtsverlies, matige conditie | Onder controle te houden met een planmatig ontwormingsschema |
Preventieve zorg
- Jaarlijkse dierenartscontrole en vaccinaties passend bij de regio.
- Minstens één keer per jaar een gebitscontrole, bij oudere paarden vaker.
- Hoefverzorging elke 6 tot 8 weken.
- Mestonderzoek en een gericht ontwormingsplan.
- Regelmatige beoordeling van de lichaamsconditie om gewichtstoename op tijd te signaleren.
Africhting en training
De Criollo is intelligent en leergierig en pakt vee- en buitenwerk snel op bij een consequente aanpak met positieve bekrachtiging.
De Criollo laat zich goed trainen door een ervaren of zelfverzekerde ruiter. Het paard is intelligent en pikt taken snel op, en het rustige karakter zorgt ervoor dat het zelden overreageert tijdens de eerste lessen. Dezelfde zelfstandige inslag die het paard geschikt maakt voor werk op afgelegen terrein, betekent ook dat het het best reageert op heldere, consequente hulpen in plaats van voortdurende correctie. Zodra een Criollo een taak begrijpt, voert het die doorgaans betrouwbaar en zonder poespas uit.
De basis
- Begin met grondwerk: leiden, stilstaan en overal aan het lichaam laten komen.
- Introduceer tuig en zadel in rustige, korte sessies.
- Leer eerst de basishulpen voor voorwaarts, halt en wenden in stap, voordat er tempo bij komt.
- Bouw conditie en terreinervaring op voor buitenritten en endurance.
- Voeg vee- of taakgericht werk toe zodra het paard onder het zadel goed settelt.
Fokkerij
Criollomerries dragen ongeveer 11 maanden en krijgen doorgaans één veulen per worp; fokkers selecteren op gezondheid, weerbaarheid en karakter.
Criollo's bereiken fokrijpheid net als andere paardenrassen, al wachten veel fokkers tot een paard lichamelijk volgroeid is voordat het zwaar wordt gewerkt of ingezet voor de fok. Dekken gebeurt natuurlijk of via kunstmatige inseminatie, afhankelijk van het fokprogramma. De dracht duurt ongeveer 11 maanden, en merries krijgen vrijwel altijd één veulen; tweelingen komen zelden voor en zijn meestal ongewenst omdat ze het risico voor merrie en veulens verhogen.
Veulens staan doorgaans al binnen enkele uren na de geboorte op de benen en drinken. Ze worden meestal op een leeftijd van vier tot zes maanden gespeend. De weerbaarheid van het ras komt al vroeg naar voren, en jonge dieren krijgen vaak ruime weidegang om stevig beenwerk en goede hoeven te ontwikkelen. Fokkers selecteren op de eigenschappen waar de Criollo om bekendstaat: een taaie constitutie, goede hoeven, uithoudingsvermogen en een rustig, werkbaar karakter.
| Kenmerk | Waarde |
|---|---|
| Draagtijd | Ongeveer 11 maanden (zo'n 320 tot 345 dagen) |
| Aantal veulens | Eén veulen |
| Speenleeftijd | Ongeveer 4 tot 6 maanden |
| Fokdoel | Gezond beenwerk, weerbaarheid, uithoudingsvermogen, karakter |
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen over het Criollopaard, met antwoorden over grootte, karakter, verzorging, levensverwachting en geschiktheid voor verschillende ruiters.
Hoe groot wordt een Criollo?
De Criollo is een middelgroot paard, meestal ongeveer 14 tot 15 hand (142 tot 152 cm) en met een gewicht van ongeveer 400 tot 500 kg. Het paard is compact en gespierd gebouwd, eerder dan hoog.
Wat voor karakter heeft de Criollo?
Het paard is rustig, evenwichtig en zelfstandig, met een sterke werklust. Het blijft kalm onder druk, wat verklaart waarom het van oudsher het paard van de Argentijnse gaucho is.
Is de Criollo makkelijk te verzorgen?
Voor een paard wel. Het is zuinig met voer, komt goed uit met ruwvoer, heeft harde hoeven die vaak zonder ijzers functioneren en verdraagt uiteenlopende klimaten, waardoor het minder verzorging vraagt dan veel andere rassen.
Hoe oud worden Criollo's?
Bij goede verzorging worden ze vaak 25 tot 30 jaar oud, wat voor een paard hoog is en past bij de taaie constitutie van het ras.
Is de Criollo geschikt voor beginners?
Het rustige karakter is vergevingsgezind, maar de werklust en zelfstandige inslag van het ras passen het best bij ervaren of zelfverzekerde ruiters, bij voorkeur met regelmatig werk om het paard betrokken te houden.
Waarvoor wordt de Criollo gebruikt?
Het paard wordt ingezet voor veewerk, buitenritten en endurance. Het ras staat bekend om het afleggen van lange afstanden op weinig voer.
Waar komt de Criollo vandaan?
Het ras is ontwikkeld in Argentinië, uit Spaanse paarden die in de zestiende eeuw naar Zuid-Amerika kwamen, gevormd door eeuwenlange natuurlijke selectie op de open pampa's.
From the community
Ask about the CriolloNo questions about the Criollo yet. Be the first to ask.
Browse Horses